220 doorzicht 660x440

Ontwerpaspecten schoonbeton

De esthetische kwaliteit van beton wordt zowel in de ontwerpfase als uitvoeringsfase door veel aspecten bepaald. Veel uitvoeringsaspecten hebben een directe invloed op het esthetische resultaat, daarom is het aan te bevelen dat de ontwerper zich verdiept in de aspecten die het gewenste sfeerbeeld kunnen beïnvloeden.

Omdat de kwaliteit van schoonbeton vooral wordt bepaald door de zichtbare betonhuid, zullen bijzondere eisen aan de betonmortel worden gesteld. Behalve de gewenste textuur en kleur van het oppervlak, is ook de manier waarop de betonmortel wordt verwerkt en verdicht een belangrijk uitgangspunt bij het bepalen van de betonsamenstelling. Het totale proces van montage van de bekisting, het aanbrengen van wapening, het storten tot het nabehandelen en ontkisten, uitgevoerd in een vaste cyclus vormt de grondslag voor een goed resultaat.

De architect bepaalt samen met de schoonbetonadviseur en uitvoerder/ producent aan de hand van het gewenste sfeerbeeld, vorm en expressie welke verwerkingstypen het meest geschikt zijn. Met kennis van de mogelijke verwerkingstechnieken en de keuzes in detaillering daarbij legt het team in een projectspecificatie en een werkplan schoonbeton (zie Schoonbeton goed specificeren) vast welke eisen er gesteld worden aan het resultaat.

vorige

 

In het werk gestort of prefab?

Beton kan op verschillende manieren geproduceerd worden. Hoewel het in beide gevallen om het storten van een betonmengsel in een bekisting gaat, maakt het productieproces en het resultaat nog wel een verschil. Omdat prefab op een aparte productielocatie gemaakt wordt (betonfabriek), is prefab gebonden aan maatvoering en gewicht dat nog te vervoeren is over de (water)weg. Deze naden kunnen als onderdeel van het ontwerp worden gebruikt. In het werk gestort beton bestaat uit een monolithisch geheel (dilatatievoegen daargelaten). Soms worden als tussenvorm elementen op de bouwlocatie geprefabriceerd, bijvoorbeeld bij het Accommodatiecentrum Observatoire Océanologique, Banyuls sur Mer.

Wat betreft de esthetiek kan met beide verwerkingsmethodes een goed schoonbetonresultaat worden behaald, al zal men op de bouwplaats rekening moeten houden met de weersomstandigheden. Een groot verschil is dat wanden in prefab beton meestal plat gestort worden. In het werk staat de wand direct verticaal op de uiteindelijke plek. In prefab moet de maatvoering dus heel zorgvuldig ontworpen worden. Het ontwerp voor prefab ligt ook langer van te voren vast. Bij in het werk gestort kunnen er voordat de productie begint nog (kleine) wijzigingen aangebracht worden. Voordeel van prefab is dat het bouwproces sneller gaat.

Met beide methodes kunnen verschillende reliëfs, structuren en vormen worden gerealiseerd. Bij prefab moet er rekening worden gehouden met de naden tussen elementen en de grootte van de elementen. Bij in het werk gestort beton geven plaatnaden van de bekisting en eventueel centerpennen een aftekening, die ingezet kan worden om het gewenste sfeerbeeld te creëren. Sommige nabewerkingsmethodes zijn geschikter voor prefabricage en de mogelijkheden zijn groter in de fabriek, al kan er ook veel met in het werk gestort beton zoals het boucharderen van het concertgebouw CKK Jordanki in Torun.

Nabewerking en coating

Het kan een keuze van de ontwerper zijn om architectonisch of schoonbeton uiteindelijk in een gecoate versie te tonen. Met name bij ter plaatse gestorte constructies en bij donkere kleuren kan men hiervoor kiezen. De te stellen eisen aan het oppervlak, de randen en de stortnaden moeten dan nader worden geformuleerd in de specificatie. Hierbij kan ook weer gebruik worden gemaakt van de klassenaanduiding van CUR-Aanbeveling 100 Schoonbeton. In de aanbeveling zijn (nog) geen aanwijzingen opgenomen voor ‘schoonbeton gecoat’.

Voorkomen van strepen met vervuiling

Water dat over het betonoppervlak loopt, neemt vuil met zich mee. Wanneer een stroompje water telkens langs dezelfde weg sijpelt, vervuilt dat gedeelte meer dan het oppervlak eromheen. Het beton neemt het water deels op en het vuil blijft aan het oppervlak kleven. Dit kan in combinatie met de wateraanvoer een voedingsbodem zijn voor mosaangroei. De mate van blootstelling aan regen, de porositeit van het materiaal en vooral de geometrie van het geveloppervlak bepalen het vervuilingspatroon.

Het tegengaan van vervuiling is goed te ondervangen met aandacht voor de detaillering. Het gaat erom steeds een passende afvoer van water afkomstig van horizontale of licht hellende oppervlakken te ontwerpen. Dit kan door het water van de gevel af te leiden via druiplijsten, zodat het water verspreid op de gevel terecht komt en de gevel op die manier gelijkmatig vervuilt en er geen leksporen ontstaan. Een andere manier is het ontwerpen van groeven of valse voegen waarin het water geleid wordt. Door de schaduwwerking van het dieper liggende gedeelte valt de vervuiling minder op. Een andere manier is bewust een spoor te creëren dat onderdeel wordt van het esthetische ontwerp.

De gevel kan voorzien worden van oppervlaktebehandeling waardoor het water niet meer in het beton kan dringen en het vuil met het water mee de gevel afloopt. Kies beschermingsmiddelen die hun werking bewezen hebben.

Ontwerp en uitvoeringsaspecten

Lees verder: