Bekisting Henk OK 121 a

Bekisting in het werk gestort schoonbeton

Er bestaan verschillende bekistingssystemen waarmee schoonbetonwerk kan worden gerealiseerd. Hierbij moet onderscheid gemaakt worden tussen de systeemconstructie en de contactbekisting die daarop is aangebracht. De systeemconstructie bestaat meestal uit staal of aluminium, eventueel in combinatie met houten liggers. Het materiaal van de contactbekisting bepaalt de textuur van het betonoppervlak.

Patroon van platen, profileringen en centerpennen

Bij in het werk gestort beton worden de bouwdelen gemaakt in de positie zoals ze in het gebouw voorkomen. Dit ligt voor de hand, maar het is een belangrijk verschil ten opzichte van prefab beton dat meestal liggend wordt geproduceerd.

Voor bekiste vlakken zijn het patroon van platen of structuurmatten, de uitvoering en de positie van de stortnaden en de centerpennen bepalend voor het esthetische, grafische resultaat. Dit houdt in dat er aandacht moet worden besteed aan de plaats van detaillering van de stortnaden, de afwerking van de centerpengaten en de detaillering van hoeken en aansluitingen. Aandacht voor de details vanuit zowel architectonisch oogpunt als de uitvoeringstechniek (bouwtechnisch) is van het grootste belang bij het ontwerpen van schoonbeton.

Zo worden vellingkanten op hoeken vaak als vanzelfsprekend toegepast omdat dit meer zekerheid geeft dat de hoeken worden gevuld zonder grindnesten. Uit architectonisch oogpunt kunnen vellingkanten het ontwerp ontsieren. Rechte hoeken zijn wel degelijk mogelijk, maar vergen extra aandacht bij het samenstellen van de bekisting, met name ten aanzien van het voorkomen van lekkage van cementwater. Het is dus belangrijk om van te voren over deze details afspraken te maken en de kosten consequenties te kennen om teleurstelling achteraf te voorkomen.

vorige

 

Textuur / structuur

Naast het patroon van de bekisting is ook het type textuur of reliëfstructuur een factor om rekening mee te houden bij het resultaat. Komt de structuur via bewerking of bekisting tot stand? Is er sprake van een fijne of een grove profilering van het oppervlak? Op het gebied van bekistingen is met behulp van geavanceerde, computergestuurde maltechnieken en 3D-ontwerp eigenlijk alles mogelijk, mits de uitvoering het toestaat. Het feit dat meestal verticaal wordt gestort, kan het resultaat beïnvloeden. Ook de voortschrijdende betontechnologie, zoals de ontwikkeling van zelfverdichtend beton, maakt steeds meer mogelijk op vormgevingsgebied. Met structuurmatten van polyurethaanrubber die op de contactbekisting zijn bevestigd, zijn vele denkbare reliëfpatronen te realiseren.

Eén van de bijzondere kwaliteiten van in het werk gestort beton is dat er grote monoliete oppervlakken mee te maken zijn. Door de structuurmatten te verlijmen, kunnen deze oppervlakken van aaneengesloten reliëfstructuren worden voorzien.

Bij de toepassing van texturen en reliëfstructuren in het oppervlak is het belangrijk te bedenken, hoe het materiaal de hoek om gaat. Het is niet altijd mogelijk een bekisting met structuur de hoek om te zetten, bijvoorbeeld in de negge van een kozijn.

De plaatnaden, de centerpengaten en de stortvoegen zullen zich aftekenen op het oppervlak. Hoe deze aftekening eruit ziet, is een keuze die de ontwerper al in een vroeg stadium moet maken en in de projectspecificatie opnemen.

Contactbekisting

Het plaatmateriaal van bekistingen voor schoonbeton is meestal van hout, multiplex, maar kan ook van staal of kunststof zijn. Ook zijn innovatieve maltechnieken mogelijk met bijvoorbeeld textiel (zie optimalisatie van textielgevormde constructies. Bij gebruik van absorberende beplating, zoals houten delen, spaanplaat en niet-gecoat triplex, zal het betonoppervlak minder luchtbellen vertonen en minder glad zijn dan bij niet absorberende beplating (staal en gecoat multiplex). Bij niet-zelfverdichtende betonmortel moet bij het ontwerp en de uitvoering van de bekisting rekening worden gehouden met voldoende ruimte voor het verwerken en verdichten van de betonmortel.

Gebruik van ontkistingsmiddel is nodig om te voorkomen dat het ‘jonge’ beton bij het ontkisten beschadigt. Zeker bij de profilering en hoeken kan gemakkelijk schade ontstaan als er hechting bestaat tussen de contactbekisting en het betonoppervlak. De juiste combinatie van bekistingsmateriaal en ontkistingsmiddel is belangrijk. Een veel gemaakte fout is het royaal opbrengen van ontkistingsmiddel. Een overvloedig gebruik van ontkistingsmiddel veroorzaakt vlekken en luchtbelletjes aan het oppervlak. Het is raadzaam de leverancier van het bekistingsmateriaal advies te vragen en een proef te doen met de voorgestelde werkwijze.

Naden en voegen

Een bekistingspaneel kan zijn samengesteld uit een aantal platen. Een belangrijk punt van aandacht is de afdichting van de plaatnaden en de paneelnaden. Lekkage van cementpasta bij de naden moet worden voorkomen. Plaatnaden en paneelnaden kunnen aanleiding zijn voor een grafisch profielraster van het oppervlak, door middel van groeven of ribbels. Aangezien het meeste betonwerk niet in één keer kan worden gestort, zal over de plaats en detaillering van de stortnaden vooraf overeenstemming moeten zijn. Aftekening van stortonderbrekingen binnen één element zijn niet aanvaardbaar. Als vanwege de hoogte van het bouwelement, zoals hoge wanden en kolommen, stortonderbrekingen onvermijdelijk zijn, kunnen deze het beste samenvallen met schijnvoegen of profileringen.

Centerpengaten, afstandshouders en dekkingsblokjes

Bij wandconstructies wordt de dikte tussen de twee bekistingswanden, stelkist en sluitkist door middel van een combinatie van centerpennen en afstandhouders gefixeerd. Afstandhouders zijn holle pijpjes met conische einden; de centerpennen worden door de afstandhouders gestoken. Centerpennen zijn nodig om de horizontale speciedruk op te vangen. De stijfheid van de bekisting hangt mede af van het centerpenpatroon. Hoe groter de hoeveelheden centerpennen per m2, hoe lager de centerpenkrachten zullen zijn. Dat betekent minder vervorming van de ondersteuningsconstructie en minder kans op lekkage bij de centerpenconus, de aansluiting tussen de afstandshouder en de bekisting. De dekkingsblokjes ten behoeve van de dekking op de wapening moeten zodanig van vorm en samenstelling zijn, dat deze zich niet aftekenen na het ontkisten. De kleur van cementgebonden dekkingsblokjes moet zijn afgestemd op de kleur van het betonoppervlak.

vorige

 

Overige detaillering zoals profilering, hoeken en stortnaden

Als er profiellatten ter plaatse van plaatnaden worden gebruikt om plaatpatronen te accentueren, moet de lat wel een vorm hebben die makkelijk ontkist. Bij het ontkisten is het beter om de latten achter te laten in het beton. De verwijdering gaat later gemakkelijker, zonder beschadiging van het oppervlak. Bij de bepaling van de betondekking moet rekening gehouden worden met de profieldiepte.

Hoeknaden verdienen speciale aandacht. In de hoeken zijn de krachten ten gevolge van het storten en trillen op te vangen met speciale hoekklemmen. Stortnaden zijn meestal niet te vermijden. De plaats van de stortnaad kan worden gekozen dat de aftekening minder opvalt, of de naad kan juist worden benadrukt door een verdiepte profilering.

Verder lezen

Downloads

Brochure Uitvoering Schoon beton (pdf)