Zierikzee Making Header Foto Niels Tilanus

Isolerende steen in zilt landschap

Cindy Vissering, oktober 2019

Als onderdeel van het Nationaal Park Oosterschelde is ten zuiden van Zierikzee een 1.000 hectare groot zilt moerasgebied gecreëerd. Dit gebied is een walhalla voor vogels, bezoekers mogen maar door een klein gedeelte ervan lopen. Als sluitsteen in dit mooie gebied heeft Natuurmonumenten hier een klein regiokantoor geplaatst.

In de visie van Rink Tilanus architecten moest dit gebouw zich gedragen als onderdeel van de natuur, als een grote steen in het landschap. Een object, zoals een folly uit de 18e eeuw, die het landschap (toen meestal een park) accentueert en verrijkt. Een belangrijke eis die ze meekregen: onbrandbaar en een beperkt budget.

Eerste ontwerpen hadden meer grillige vormen, met het interieur als een uitgeholde grot. Uiteindelijk had een meer vierkante vorm de voorkeur om de rust van het landschap te spiegelen. Dit volume werd in het landschap ‘gelegd’.

Zierikzee Ligging Drone Mathijs Labadie Het regiokantoor Natuurmonumenten in Zierikzee gaat letterlijk op in de natuur (foto Mathijs Labadie)

 

Functionele drie-eenheid

Een gebouw in schoonbeton zou te veel kosten aan arbeid, omdat er eerst (dragende) wanden gemaakt worden, die geïsoleerd en afgewerkt moeten worden. Vandaar dat hun interesse uitging naar het innovatieve materiaal warmbeton. In 2015 werd dit materiaal op de gevelbeurs gepresenteerd, maar men was toen in Nederland nog niet toe aan proefprojecten. De architecten werden verwezen naar een buitenlandse producent.

Warmbeton is een betonsoort waarbij de toeslagmaterialen zand en grind is vervangen door geëxtrudeerde glaskorrels. Hierdoor heeft het beton een hoge isolatiewaarde, naast de constructieve eigenschappen. Met één stort worden de drie functies isoleren, dragen en esthetische afwerking tegelijk uitgevoerd. Zo ontstaat er een monoliete gevel zonder koudebruggen.

In Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland wordt warmbeton of ‘leichtbeton’ wel al toegepast. Het is daar in gerealiseerde gebouwen visueel niet te onderscheiden van ‘gewoon’ strak beton. Max Rink en Niels Tilanus wensten een uitvoering waarbij de specifieke eigenschappen van warmbeton ook uiterlijk zichtbaar zijn en een natuurlijke uitstraling geven aan het gebouw.

vorige

 

Sober en doelmatig

Het gebouw bestaat uit één bouwlaag met een vierkante plattegrond, opgedeeld in vier kwadranten. Een van de kwadranten bergt ook de functie toilet en entree naast een kleinere (kantoor-)ruimte. De binnenwanden zijn strak gedetailleerd en geheel van glas. Het toilet staat in het midden en is voorzien van gezandstraald glas. Boven het toilet is een dakraam in het dak uitgespaard, zodat zelfs in het toilet de omringende natuur te beleven is.

In eerste instantie was het idee dat het dak als uitzichtpunt kon dienen. Vanuit dit idee is de trap in de hoek ontstaan. Uiteindelijk is het dakterras wegbezuinigd, maar de overmaatse trap met treden van 400 x 400 mm is gebleven als karakteristieke vormgeving van het volume die het object met het landschap verbindt. Aan de tegenoverliggende hoek is een trapvorm aan de onderzijde uitgespaard. Om te voorkomen dat men alsnog op het dak probeert te klimmen, is het gebouw door water omringd.

Monoliet geheel

Om de ‘steen’ in het landschap ook als één geheel te zien, wilden de architecten het dak en de gevels in eenzelfde afwerking. De wanden werden daarom vlak gestort, zodat de afwerking van de niet-bekiste zijde hetzelfde is als van het dak: met de grillige vorm van de bovendrijvende geëxtrudeerde glaskorrels. Het verkrijgen van het gewenste beeld ontstond in de ontwikkeling samen met producent en experts. [link naar making]

De aansluiting van de gevelwanden in de hoek is in verstek gemaakt, zodat er alleen een kitvoeg op de hoek zichtbaar is. Ook aan de bovenzijde is de wand in verstek gemaakt. De bekisting van het dak is hierop aangesloten en ter plaatse gestort. In de kist van het dak zijn glasschuimkorrels gelegd met de sparingen voor armaturen en ventilatie. Hier overheen is een dunne laag glasschuimbeton zonder glasschuimkorrels gestort waardoor een soort breedplaatvloer ontstond. De rest van het dak is in warmbeton aangestort. De ruwe structuur van het plafond contrasteert mooi met de gladdere binnenwanden en zorgt meteen voor geluidabsorptie.

Vlak nadat de bouwvergunning was verleend, raakte Technopor, de fabrikant van geëxtrudeerde glaskorrels, in financiële moeilijkheden en moest gezocht worden naar een andere leverancier. Als gevolg daarvan moesten met dit andere product de meeste testen nog een keer herhaald worden.

Afdruk en indruk van het landschap

Voor de afwerking van de binnenzijde van de monoliet gevelwanden wilden de architecten een afdruk van het landschap maken. Bij voorkeur door de wanden te storten op de grond. Dit wilde de aannemer niet aangaan (vanwege technische aspecten). Als alternatief werd een laag zand als een natuurlijke glooiing in de kist gelegd met daar overheen een folie. Deze folie heeft plooien achtergelaten op het beton en geeft de binnenwanden een uitstraling als de zandribbels op het strand of de slaapplooien in iemands huid.

In de wanden zijn grote kaders uitgespaard voor de overmaatse ramen. Het glas is nagenoeg direct in het beton geplaatst, een detail wat mogelijk wordt gemaakt door de hoge isolatiewaarde van warmbeton. Het glas is gevat in een kader van 60 x 60 mm, waarbij er slechts een overlap is van 100 mm met het beton. Het kader is in de bekisting gemonteerd en direct in het beton ingestort. Het kader is voorzien van stekeinden, zodat het goed bevestigd is in de gevelwand.

Door deze detaillering en de grote maat van het glas, wordt het omringende landschap gekaderd door het beton. Overal in het kantoorgebouwtje is het landschap prominent aanwezig.

vorige

 

Bijzonder detail

In eerste instantie was het gebouw gedacht als beheerderspost met een werkplaats, uiteindelijk heeft het gebouw de functie van regiokantoor gekregen. De overheaddeur werd één van de grote raamkaders en er was extra aandacht nodig voor het binnenklimaat. In het concept pasten geen te openen ramen. In plaats daarvan is er een extra, direct individueel te regelen systeem aangebracht in de gevelwand. Dit bestaat uit het instorten van een koker, waarbinnen een tweede koker wordt geplaatst met een betonprop aan de buitenzijde. Wanneer de ventilatie dicht staat, is er niets te zien aan de gevel. Door de binnenste koker naar buiten te schuiven wordt de ventilatie open gezet.

De wanden van 500 mm dik hebben een RC-waarde van 2,5 m2K/W en het dak van 600 mm dik heeft een RC-waarde van 3,0 m2K/W (voor het beton dat hier is toegepast). Dit is minder dan voorgeschreven in het bouwbesluit. Maar door een energieberekening te maken en hierbij het warmte-accumulerend vermogen van het beton mee te rekenen, is gelijkwaardigheid aangetoond.

De architecten hadden een iets donkerder beton voor ogen, omdat dit beter aansluit bij de natuurlijke vervuiling en biofilm die op het beton ontstaat. De grillige structuur is ook bedoeld om aanhechting van mossen en planten te vergemakkelijken, zodat het gebouw met de tijd meer opgaat in het landschap. De gewenste hoeveelheid zwarte pigment was echter niet mogelijk omdat dit zorgde voor een te grote warmteaccumulatie in de zomer. Uiteindelijk is gekozen om een klein deel zwart pigment toe te voegen.

WINNAAR BETONPRIJS 2019

Regiokantoor Natuurmonumenten Zierikzee is winnaar van de Betonprijs 2019 in de categorie Grensverleggend. De prijs wordt tweejaarlijkse uitgereikt door de betonvereniging aan toonaangevende projecten.

Projectgegevens Regiokantoor Natuurmonumenten, Zierikzee

Opdrachtgever:

Natuurmonumenten

Architect:

Rink Tilanus Architecten (www.rinktilanus.nl)

Hoofdaannemer:

Braspenning Aann.- en timmerbedrijf vof, Wernhout

Glasschuimbeton:

Glasschuim Nederland i.s.m. Dyckerhoff Basal

Constructeur:

B2CO (www.b2co.nl)

Warmteberekeningen:

Coen Energie Comfort

Adviseur bouwfysica:

Aart van Hell